We willen mensen die anders denken.
Dat staat in vacatures, strategische plannen en presentaties over innovatie. We zoeken vernieuwers. Onafhankelijke geesten. Mensen die bestaande patronen doorbreken. Tot die iemand vraagt waarom we eigenlijk aan die patronen vasthouden.
Want zodra iemand daadwerkelijk anders denkt, blijkt dat toch niet helemaal de bedoeling. Nieuwe ideeën zijn welkom, zolang ze de bestaande koers niet ter discussie stellen.
Daar zit voor mij een probleem dat verder gaat dan de positie van U(HB)’ers. Het raakt aan het vermogen van organisaties en de samenleving om werkelijk te veranderen.
Mijn stelling is deze:
De waarde van U(HB) ontstaat in de wisselwerking tussen uitzonderlijk denkvermogen en een ontvankelijke omgeving. Waar die wisselwerking ontbreekt, blijft niet alleen individueel potentieel onbenut, maar verliest ook de samenleving verandervermogen.
Daarmee bedoel ik de waarde die dit denkvermogen kan voortbrengen, niet de waarde van de mens. Niemand hoeft zijn bestaansrecht te bewijzen met een maatschappelijke bijdrage Maar als we uitzonderlijke intelligentie willen benutten, moeten we verder kijken dan herkenning en persoonlijke ontwikkeling. Wat wordt er dankzij dat vermogen mogelijk? En wat is ervoor nodig om die mogelijkheid werkelijkheid te laten worden?
Waarom juist nu?
Ik ervaar deze tijd als een periode waarin veel tegelijk verschuift. Technologie, economische verhoudingen, geopolitiek en maatschappelijke verwachtingen laten zich niet keurig als afzonderlijke onderwerpen behandelen.
Een technologische keuze wordt ook een vraag over werk, verantwoordelijkheid en afhankelijkheid. Een economische beslissing kan gevolgen hebben die ver buiten de oorspronkelijke berekening liggen.
Mijn overtuiging is dat we dergelijke vraagstukken onvoldoende tegemoetkomen wanneer we uitsluitend bestaande procedures verbeteren. Soms werkt de uitvoering niet en soms klopt het uitgangspunt niet meer.
Een organisatie kan steeds efficiënter worden in het uitvoeren van iets wat zij beter opnieuw zou kunnen onderzoeken.
Daar zie ik de maatschappelijke urgentie van uitzonderlijk denkvermogen. Niet als wondermiddel, maar als een vermogen dat we serieus moeten leren benutten wanneer vertrouwde antwoorden tekortschieten. Wanneer we dit tekortschieten ook daadwerkelijk onderkennen. Dan kunnen we niet volstaan met het herkennen van potentieel, terwijl we de toegang tot besluitvorming gesloten houden.
Wat U(HB) hier bijzonder maakt
Kritisch denken is niet voorbehouden aan U(HB)’ers. Onafhankelijkheid, creativiteit en moed evenmin. Daar ligt het onderscheid dus niet.
Waar het mij bij U(HB) om gaat, is de mogelijke bijdrage van uitzonderlijke cognitieve vermogens: de snelheid waarmee samenhang wordt gezien, het abstractieniveau waarop iemand kan denken en de complexiteit die iemand kan overzien.
Niet iedere U(HB)’er beschikt over dezelfde vermogens of zet ze op dezelfde manier in. Maar de mogelijkheid om meerdere lagen van een vraagstuk tegelijk te onderzoeken, verdient aandacht.
Daarmee kan iemand bijvoorbeeld niet alleen zien dat een proces vastloopt, maar ook hoe de gekozen doelstelling, de verdeling van verantwoordelijkheden en de manier van beoordelen elkaar in stand houden. Of juist niet.
Dat levert niet automatisch een juist inzicht op. Het levert wel een wezenlijk ander vertrekpunt op. De maatschappelijke waarde ontstaat wanneer we onderzoeken of dat inzicht klopt en wat we ermee kunnen veranderen.
Herkenning is geen benutting
Ik begrijp waarom het gesprek over U(HB) vaak begint bij herkenning.
Woorden vinden voor hoe je denkt, kan veel betekenen. Zeker wanneer je jarenlang hebt geprobeerd te begrijpen waarom iets voor jou vanzelfsprekend is en voor een ander helemaal niet. Maar ik wil niet dat het gesprek daar eindigt.
Iemand herkennen als uitzonderlijk intelligent zegt nog weinig over de bijdrage die mogelijk is. En iemand uitnodigen zijn inzichten te delen, betekent nog niet dat die inzichten invloed krijgen. We kunnen aandachtig luisteren, een interessante bijeenkomst organiseren en iedereen bedanken voor de waardevolle perspectieven. Vaak blijft daarna alles hetzelfde.
Dan hebben we het denken toegelaten, maar nog niets met de uitkomst gedaan.
Toelaten is niet operationaliseren
Voor mij is dat onderscheid de kern.
Een inzicht toelaten betekent dat het gehoord en onderzocht mag worden. Een inzicht operationaliseren betekent dat we uitwerken welke consequenties het heeft voor besluiten en uitvoering. Wat gaan we anders doen? Wie wordt verantwoordelijk? Welke middelen zijn nodig? Waar stoppen we mee? En waaraan beoordelen we of het werkt?
Stel dat iemand overtuigend laat zien dat een terugkerend probleem niet ontstaat door onvoldoende inzet, maar door tegenstrijdige verantwoordelijkheden.
Dan is instemmend knikken onvoldoende.
Zijn we bereid bevoegdheden te verplaatsen? Andere afspraken te maken? Een bestaande werkwijze los te laten? Of waarderen we het inzicht vooral zolang niemand iets hoeft te veranderen?
Een inzicht kan inhoudelijk worden geaccepteerd en praktisch volledig worden geneutraliseerd. Dan ontbreekt het niet aan begrip. Dan stokt de vertaling naar handelen.
U(HB) is geen vrijstelling
Ik herken dat een inzicht er eerder kan zijn dan de uitleg. Ik zie samenhang, de woorden moeten nog komen.
Wat ik al overzie, moet ik vervolgens reconstrueren voor iemand die mijn gedachtegang nog niet kan volgen. Dat voelt omslachtig en soms ook frustrerend.
Helaas is mijn gevoel van helderheid voor een ander geen bewijs.
Ook ik kan een verband zien dat er niet is. Of iets over het hoofd zien omdat mijn eerste verklaring zo overtuigend voelt.
Uitzonderlijke intelligentie ontslaat niemand van de verantwoordelijkheid zijn eigen denken te onderzoeken. Een groot analytisch vermogen kan ook worden ingezet om een vergissing steeds knapper te verdedigen.
Mijn houding als sceptische mysticus speelt daarin mee. Ik blijf geïnteresseerd in wat ik nog niet kan verklaren, zonder iedere verklaring daarom voor waar aan te nemen. Mijn begrip is niet de grens van de werkelijkheid. Maar mijn intuïtie is evenmin de maatstaf voor waarheid.
Van een U(HB)’er verwacht ik dus meer dan de constatering dat de omgeving hem niet begrijpt.
Maak duidelijk wat je waarneemt, wat je daaruit afleidt en waar je onzekerheid zit. Zoek iemand die je redenering kan verbeteren, niet alleen iemand die haar bewondert.
Ik neem uitzonderlijk denkvermogen serieus genoeg om er ook iets van te verlangen.
De omgeving heeft evenmin een vrijstelling
Die verantwoordelijkheid mag geen handige manier worden om alles weer bij het individu neer te leggen. Een organisatie kan eindeloos vragen om een betere toelichting, meer draagvlak of een aanvullende analyse. Op enig moment moet zij zelf iets besluiten.
Kritische toetsing is noodzakelijk. Maar toetsing moet wel een open uitkomst hebben. Als een voorstel uitsluitend aanvaardbaar is wanneer het de bestaande koers bevestigt, wordt geen vernieuwing onderzocht. Dan wordt een grens bewaakt.
Ik vind dat organisaties daar eerlijker over moeten zijn.
Willen we werkelijk een ander antwoord? Of willen we een betere onderbouwing van het antwoord dat we al hebben gekozen?
Ontvankelijkheid blijkt niet uit de uitnodiging om mee te praten. Ze blijkt uit de bereidheid een deugdelijk inzicht gevolgen te geven.
Ook voor de strategie. Ook voor de verdeling van geld en bevoegdheden. Ook voor degene die tot nu toe bepaalde hoe het moest.
Wat kost doorgaan?
Ik ben ondernemer. Ik begrijp continuïteit, financiële grenzen en de verantwoordelijkheid voor anderen.
Je verandert geen onderneming omdat iemand een intrigerende gedachte heeft. Maar zakelijk realisme vraagt meer dan berekenen wat verandering kan kosten.
Wat kost doorgaan? Wat gebeurt er wanneer we een probleem blijven behandelen vanuit een aanpak die het mede veroorzaakt? Wanneer wordt voorzichtigheid uitstel? Wie draagt daarvan de gevolgen?
Dat zijn geen filosofische bijvragen. Het zijn vragen die een beslissing nodig hebben.
Juist bij complexe vraagstukken wil ik beide kanten op tafel: het risico van ingrijpen én het risico van vasthouden. Anders verwarren we het bekende met het veilige.
Van inzicht naar resultaat
In mijn werk als ondernemer, leidinggevende en docent ben ik steeds opnieuw uitgekomen bij de afstand tussen begrijpen en veranderen. Een probleem kan uitvoerig besproken zijn. De analyse kan op tafel liggen. Iedereen kan instemmen met de noodzaak van een andere aanpak. En vervolgens gebeurt er weinig.
Daar wordt het voor mij interessant. Welke keuze blijft liggen? Welk belang wordt ontzien? Welke verantwoordelijkheid neemt niemand werkelijk op zich?
Een inzicht moet niet alleen inhoudelijk standhouden. Het moet kunnen doorwerken in keuzes, middelen, gedrag en resultaten.
Dat is ook de gedachte die ik binnen NEXUS Werkstatt verder wil brengen. De fietsenwerkplaats is de concrete basis: daar wordt gewerkt, gerepareerd en geleverd.
Daarnaast wil ik ruimte maken om werkelijke vraagstukken te onderzoeken en inzichten verder te brengen dan het gesprek waarin ze ontstaan. Niet alleen anders kijken, maar vaststellen wat dat andere perspectief vraagt van het handelen.
De werkelijkheid hoeft tenslotte niet onder de indruk te zijn van onze intelligentie.
Mijn punt
Ik wil het gesprek over U(HB) verder brengen dan herkenning, aanpassing en de bevestiging van een bijzondere identiteit.
Juist wanneer vertrouwde antwoorden tekortschieten, moeten we onderzoeken wat uitzonderlijk denkvermogen kan bijdragen. Niet door het op een voetstuk te zetten, maar door het te verbinden met een omgeving die het kritisch onderzoekt en daadwerkelijk weet te benutten.
Niet ieder afwijkend idee verdient uitvoering. Maar een waardevol inzicht verdient meer dan belangstelling.
De maatstaf is uiteindelijk of we complexiteit kunnen vertalen naar besluiten, handelen en resultaat. Een samenleving die uitzonderlijk denkvermogen herkent, maar die vertaling niet weet te maken, laat meer liggen dan individueel talent.
Ze laat verandervermogen liggen.
Daar zou ik als ondernemer geen genoegen mee nemen.
Maar onder deze wisselwerking tussen individu en organisatie ligt een nog ongemakkelijker vraagstuk.
Waarom blijven mensen vasthouden aan bestaande uitgangspunten, zelfs wanneer ze begrijpen dat die niet meer voldoen?




Dag Ron. Tijdens en na het lezen van je Substack ploppen mijn gedachten als een razende op; denk aan het beeld van het ontstaan van popcorn uit maïskorrels. Ik deel hier enkele van die gedachten. Ik begin met het einde van jouw schrijven. Jouw vraag is een vraag die al heel lang met me meereist, om haar steeds weer te leren begrijpen, omdat ik het voortdurend aan den lijve ervaar. In mijn werk, in organisaties, in samenwerkingen en ook in mezelf. Als ik je vraag op mezelf betrek en eerlijk ben, dan blijf ik vasthouden aan wat niet meer werkt, omdat ik nog niet bereid of in staat ben om te verliezen wat het bestaande me biedt. Ook al begrijp ik dat het niet meer voldoet en weet dat ik moet kiezen en besluiten. Die keuze en dat besluit schuif ik voor me uit. Ik ben het met je eens dat uitzonderlijk denkvermogen ook verantwoordelijkheid vraagt van degene die het bezit. Maar die verantwoordelijkheid heeft ook een hoge persoonlijke en maatschappelijke prijs en die doet pijn. Wat gebeurt er namenlijk er wanneer je werkelijk verantwoordelijkheid neemt voor wat je ziet, denkt en samen belangrijk vindt? Je komt alleen te staan. Je past niet in het team. Je verliest opdrachten als ondernemer. Verantwoordelijkheid nemen en geven betekenen ook dat je verbondenheid, een klantrelatie verliest. Als ik dat voel, ga ik twijfelen, dan wordt die behoefte aan verbinding belangrijker dan trouw blijven aan mijn eigen denkvermogen en verantwoordelijkheid. Ik pas me aan opnieuw aan om erbij te blijven horen. Ik schiet in mijn eigen overlevingsmodus. Totdat dat aanpassen mij moedeloos maakt, frustratie oplevert en ik voel dat ik steeds verder verwijder raak van mijn zelf, dan kan ik het niet meer voor me uitschuiven. Dan neem ik een besluit. En ga opnieuw op zoek naar mensen en omgevingen waarin ontvankelijkheid een wederzijdse houding is. Waar ik niet hoef te kiezen tussen mezelf zijn en verbonden blijven. Waar we bereid zijn onze eigen uitgangspunten te onderzoeken en ons door elkaar te laten beïnvloeden, zodat we samen iets kunnen ontdekken wat geen van beiden vooraf kon zien en er betekenisvol naar handelen. Het lezen riep ook een vraag op. Waarom leggen we de verantwoordelijkheid voor anders denken eigenlijk bij het individu, terwijl we de verantwoordelijkheid voor de ontvankelijkheid van mensen in de omgeving nauwelijks ter discussie stellen?
Dank je wel Ron voor het delen van jouw gedachten, je hebt in mijn denken weer iets in beweging gebracht.