Je weet het vaak al voordat het gesprek begint. Aan de houding van iemand, de manier waarop diegene je aankijkt en de eerste woorden. Staat iemand boven je of naast je? Is diegene tegenover je op zijn gemak?
Jij komt met een hoge energie binnen. Wat gebeurt daarmee zodra de ander begint te praten? Kun je verder zoals je binnenkwam, of voel je jezelf al terugschakelen?
Dan doet iemand zijn best.
Je zou zeggen: dat is toch goed?
Nou, nee.
Je ziet het gebeuren. De aandachtige houding, de zorgvuldig gekozen vraag, het begripvolle knikje. Iemand probeert een goede gesprekspartner voor je te zijn. Juist dat gekunstelde gedrag irriteert. Je bent nog niet begonnen en zit alweer te kijken hoe je met de ander moet omgaan. Geheel tegen je zin in en dat blijft niet onopgemerkt...
Kun je gewoon zeggen dat een antwoord niet voldoet? Wat gebeurt er als je een redenering openbreekt? Blijft iemand overeind wanneer je buiten zijn kennisgebied komt, of moet je straks eerst zijn deskundigheid geruststellen?
Je hebt je eigenlijke vraag nog niet uitgesproken. En, dat ga je ook niet meer doen!
De rest is voor de bühne
Je probeert dus niet iets uit te leggen en ontdekt vervolgens dat je niet wordt begrepen. Voordat je aan die uitleg begint, heb je innerlijk al bepaald dat het niet gaat werken.
Dat scannen gaat razendsnel. Terwijl iemand spreekt, volg je de redenering, hoor je welke aannames vaststaan en merk je wat er gebeurt zodra iets buiten het bekende valt. Je ziet hoeveel uitleg er nodig zal zijn en waar je waarschijnlijk alsnog vastloopt. Voor je het weet, zit jij weer de ander te begeleiden in het gesprek waarvoor je zelf kwam. Daar heb je weinig zin in, want je kent de route inmiddels.
Alleen: hoe goed je ook waarneemt, je weet nog niet alles van degene die tegenover je zit. Soms herken je een beperking en soms herken je vooral het begin van een gesprek dat je eerder hebt gevoerd. Dat is niet hetzelfde.
Ook je eigen oordeel moet tegen onderzoek kunnen.
Vaak voer je uiteindelijk toch het gesprek dat mogelijk is. Vriendelijk, belangstellend, soms zelfs geanimeerd. Je kunt er best iets van maken, want je bent er intussen best goed in. De ander voelt zich gehoord en zegt achteraf dat het een bijzonder gesprek was.
Dat was het voor die ander ook.
De rest is voor de bühne. Wat jou werkelijk bezighoudt, is niet op tafel geweest.
Ik ken dat. Voor het gesprek waarnaar ik werkelijk verlang, vind ik maar weinig mensen goed genoeg. Dat klinkt arrogant misschien, maar het is wel waar.
De strijdbijl blijft in zijn verpakking
Soms zit er iemand tegenover je bij wie je direct, op het eerste gezicht, de strijdbijl in zijn verpakking laat.
Iemand is op zijn gemak en blijft dat ook wanneer jij binnenkomt. Je hoeft geen positie te bevechten of rekening te houden met onzekerheid die achter een deskundige houding schuilgaat. Je kunt gewoon gaan zitten.
Nu test je of het klopt.
Je spreekt iets tegen, vraagt door of trekt een gedachte verder dan de ander kennelijk had voorzien. Een overtuigend antwoord is voor jou geen reden om het onderzoek te staken, maar eerder om door te gaan.
Wat gebeurt er dan? Kan iemand iets niet weten zonder daar ongemakkelijk van te worden? Kan diegene je scherpte beantwoorden zonder er een wedstrijd van te maken? En kan hij je tegenspreken zonder eerst een aanloop te nemen waarin jij moet begrijpen dat het goed bedoeld is? Want dat irriteert, of heb ik [Ron] dat alleen?
Want het is zeker niet de eerste keer dat je tegenover een gehaaid persoon zit. Ook iemand die iets van je wil, kan uitstekend luisteren. Die heeft vaak juist heel snel door waar jij op aanslaat.
Je wilt weten wie er blijft zitten zodra je niet meegaat.
Klopt het dan nog steeds, dan kan het gesprek beginnen. Ik zeg met opzet: beginnen.
Je hoeft geen hulpvraag te spelen
Je hoeft geen hulpvraag te spelen om een reden te hebben tegenover iemand te zitten. Je begrijpt je situatie. Je hebt er lang genoeg over nagedacht en weet vaak ook welk besluit je hebt genomen.
Toch wil je het gesprek voeren.
Je wilt onderzoeken wat dat besluit betekent, wat je over het hoofd ziet en wat je nu te doen staat. Daarvoor hoef je geen twijfel op te voeren. Ook hoef je de ander niet eerst het plezier te gunnen dat hij jou tot je eigen inzicht heeft gebracht.
Een gesprek in de film A Working Man raakt voor mij precies aan die herkenning. De Engelstalige citaten komen uit dat gesprek.
“Welcome back brother, you’re home. I missed you. I worried about you but you didn’t have to come back to pretend that you need me and ask for permission for a decision you already made.”
Daar zit iemand die ziet dat je zelf kunt denken en handelen. Je hoeft je kracht niet in te leveren om het gesprek mogelijk te maken.
Dat scheelt een hoop toneel. Wel zo makkelijk...
Want het gesprek waarnaar je verlangt, gaat ook over wat het je heeft gekost om zo lang te blijven functioneren.
Je bent hier eerder geweest
“You’ve been on the threshold before, many times.”
Je kent deze drempel maar al te goed. Je hebt vaker geweten dat je iets anders moest doen, dat je ergens mee klaar was. Je had het nog jaren kunnen volhouden, daar zat het probleem niet.
Je zag wat jouw keuze zou betekenen voor je gezin, je familie, je collega’s en je werk. Je wist wie er last van zou krijgen en wat jij vervolgens weer zou moeten opvangen. Dus hield je er rekening en je vond een manier waarop het voorlopig verder kon.
En voorlopig kan behoorlijk lang duren als je goed bent in volhouden.
Je hebt met dat vermogen bedrijven gebouwd, verantwoordelijkheid gedragen en anderen door moeilijke situaties geholpen. Je hebt er ook mee mogelijk gemaakt dat je zelf bleef functioneren onder omstandigheden waarin je al lang onvoldoende jezelf kon zijn.
“You couldn’t be yourself for so long because of family protection, colleagues and work.”
Je kunt precies uitleggen waarom je het hebt gedaan. Dat verhaal klopt ook en je weet wat er op het spel stond en wie je wilde beschermen.
Maar daarmee zijn die jaren niet terug.
Haal de dam weg
“Remove the dam and let the water flow.”
Je weet genoeg om te handelen. Toch sta je weer op die drempel, met hetzelfde vermogen om te bedenken hoe je het nog een tijd kunt volhouden.
Dit keer zie je óók wat je daarmee voortzet.
Er zit verdriet onder. (lastig om toe te geven, dat snap ik ook...) Om wat je hebt ingehouden, wat je bleef uitstellen en hoeveel van je leven is opgegaan aan zorgen dat alles bleef functioneren. Je hebt dat niet voortdurend gevoeld, maar soms bij tijden. Je had wel wat anders te doen.
“Feel the emotions, allow it.”
Nu hoeft er niet onmiddellijk iets met die emoties te gebeuren. Je hoeft ze niet weg te redeneren en ook niet keurig te presenteren, zodat de ander ermee uit de voeten kan. Je hebt jezelf lang genoeg beheerst om door te kunnen werken en te blijven leveren.
“Your grief manifests as survival mode and inner fear.”
Ook hier kun je weer overheen stappen. Je kunt jezelf bij elkaar pakken en morgen verdergaan zoals gisteren. Niemand die het merkt. Waarschijnlijk krijg je nog waardering voor je doorzettingsvermogen ook.
Maar jij weet het.
“Start living a new life a new journey.”
Daarvoor wil ik iemand tegenover me hebben die begrijpt waarover dit gaat. Die zelf iets heeft meegemaakt, zelfstandig denkt en mij durft tegen te spreken. Iemand bij wie ik niet eerst het gesprek hoef te organiseren voordat ik eraan kan deelnemen. Iemand met wie ik van Amsterdam naar Berlijn kan rijden, onderweg drie woorden wissel en toch weet: het is goed.
Diegene hoeft mijn besluit niet te nemen. Dat heb ik zelf al gedaan.
“Welcome back brother, you’re home.”



